Zoals beloofd nog een 'staartje' met iets meer informatie over de marathon. Heb de foto's nog niet op mijn laptop staan dus het moet even met 'geleende' foto's.
Het is de avond voor de marathon. Ik ben best zenuwachtig, ben zoals de laatste dagen aan het einde van de dag dood op. Ik ga op tijd naar mijn hotel en eet daar in het restaurant een pasta. Penne met kip en broccoli, best lekker maar ik zit er een beetje in te prikken, heb geen trek en dat terwijl dit mijn laatste kans is om koolhydraten te stapelen. Dan lig ik belachelijk vroeg in bed, zo rond half negen. Mijn hele outfit, van ondergoed tot electrolytenpads die ik me op het valreepje heb laten aansmeren. Op advies van familie toch nog even de wake-up service van het hotel ingeschakeld. Ik wil graag om 4.30 wakker gemaakt worden. Vannacht gaat hier in Amerika de klok een uur terug dus dat scheelt gelukkig. Zonder problemen val ik in slaap en word ik ook zonder problemen gewekt door de telefoon, alleen om 3.30! Heb ik het dan toch verkeerd gedaan met die klok? Televisie aan, nee het is toch echt 3.30, dan zal het hotel het wel verkeerd hebben gedaan. Maar op zo'n grote dag is het natuurlijk onmogelijk om weer lekker door te slapen, dus er dan uiteindelijk uit, douchen en in mijn officiële marathon outfit. Tevreden kijk in de spiegel. Ik ben er echt klaar voor! Ontbijt met alle hardlopers van het hotel en dan in de touringcar naar de start (om 5.45!). Ik zit naast een man die ook voor het eerst de marathon gaat lopen. Iedereen is beetje gespannen maar uiteindelijk best gezellig. Als we de bus uitgaan op Staten Island staan er mensen ons heel enthousiast te verwelkomen. "Welcome guys, have a great day, enjoy your race!" Goh dat is aardig en dan zie ik wat er op het kaartje staat die om hun nek hangt:

Nou snap ik hoe ze aan 20.000 vrijwilligers komen!
Wat is jouw taak bij de marathon? Nou, ik mag de mensen uit de bus begroeten..En dan loop ik samen met Joost, iemand die ook in het blauwe vak start, naar 'onze' kleur. Daar staan karren met koffie, sportdrank, water, bagels, energy bars. Echt aan alles is gedacht. We moeten ongeveer 3 uur wachten, ben wel 5 keer naar de toilet gegaan! Dan gaan we eindelijk bij ons startvak staan. Het zonnetje schijnt en aan de zijkanten ontstaan bergen met kleding. Ook ik gooi de fleece van Ruth en het shirt van Bas op die hoop. Dan sta ik weer naast iemand anders, ene Hans. Het barst hier van de nederlanders. Hij loopt hem voor de tweede keer als ik het goed herinner. Hans is grappig en ik ontspan gelukkig weer wat. In wandeltempo gaan we richting de Verrazano-bridge en dan mogen eindelijk al rennend over de startlijn gaan. De brug is fantastisch, wat een uitzicht en wat een mensen op die brug! De helling heb ik niet eens in de gaten, dit is geweldig, daar ren ik dan, in New York de marathon! Zodra de brug achter ons ligt gaan we de bewoonde wereld in, Brooklyn. "Welcome to brooklyn" roepen de mensen langs de kant en al snel hoor ik voor de eerste keer: "You go Anky!" Wauw, het werkt! Ik ga expres langs de kant rennen zodat ik vaak wordt aangemoedigd. Het houdt niet op. "You're looking great!" "Great job!" "Come on Anky!" En elke keer roep ik braaf, "thanks!" terug. Brooklyn is groot en het duurt héél lang voordat we eindelijk in de volgende wijk zijn. Ik vraag zelfs onderweg een paar keer aan mensen langs de kant: "Is this stíll Brooklyn?" "Yes honey, it is!" Het meest bizarre is als ik door de jodenwijk kom. Het wordt opeens stil, er staan wel mensen langs de kant maar niemand zegt wat. Geen aanmoedigingen. De vrouwen hebben allemaal dezelfde pruiken op en de mannen kijken strak de andere kant op.

Het is nog best een grote wijk maar dan komen we weer tussen de andere amerikanen en begint het aanmoedigen weer. Eindelijk de brug naar Queens, veel latino's en af en toe zeg ik dan ook "Gracias!" in plaats van thanks. En dan dus zoals al in het eerdere verslag gemeld die knie. Ik raak echt in paniek. Die tijd maakt me nu niets meer uit, als ik maar kan finishen. En op de brug die ons naar Manhattan moet brengen kom ik die vrolijke Hans tegen. Hij vraagt hoe het gaat en ik begin uiteraard meteen over die knie. Hij weet me weer gerust te stellen. "Joh, doe rustig aan, je kunt nog lachen en praten en dat kunnen nog maar weinig mensen zeggen!" Dat is ook zo, ik ben bijna bij mijn familie en vrienden en dan kan ik er wel weer tegenaan. Ik kijk al een aantal blocks naar ze uit, ze zouden bij de 62e straat staan en dan zie ik ze: uitbundig staan ze te zwaaien en zie ik ineens ook wat voor een ontzettend mooi spandoek er voor me gemaakt is. Dat ik moet janken is gewoon onvermijdelijk, ik ga weer verder en de pijnstillers die ik van jolmer heb gekregen beginnen volgens mij te werken. Yes! Het gaat weer. Laat ik even Bas bellen om mijn supporters enigzins gerust te stellen. Dan het tweede punt waar ze staan. Dit was écht het hoogte punt, het gaat goed en ben vrolijk en dat zijn mijn supporters ook. Ik krijg nog weer wat pijnstillers en een banaan van Nienke en wil eigenlijk graag weer verder rennen. Dan begint mijn vader met het scanderen van mijn naam: "Anke go, go, go, go!" De rest valt bij, zelfs de New Yorkers erom heen doen mee. Dit is echt één groot aanmoedigings blok dat ik al rennend nog best een tijdje hoor. GEWELDIG, krijg nog kippevel als ik daar aan denk. Jolmer en Bas hebben nog een stuk mee gerend. Dan het park, kan niet zeggen dat ik veel gezien heb van het wonderschone Central Park, ben nu echt kapot, niet van die knie maar gewoon op. De laatste kilometers zijn echt heel zwaar en moet helaas toegeven dat ik ook stukken heb moeten wandelen. Maar dan nog een halve kilometer, dat kan ik heus nog wel rennen en dan ren ik dus na 5 uur en 7 minuten over de finish lijn. Echt raar, het zit erop en ik mag nu wandelen. Ik krijg zo'n folie om warm te blijven en dat is wel nodig want ik heb het koud en ik ben misselijk. Heel misselijk. De mensen met rode shirts en een wit kruis erop geven me een zakje zout. Ik wil helemaal geen zout, ze zeggen dat dat goed is voor de misselijkheid. Ik heb erg veel gedronken de laatste paar kilometer, eigenlijk te veel en dan... ja smakelijk is het niet komt al dat water eruit. Het lucht gigantisch op en wandel ik verder naar mijn familie. Wat een gelukkig weerzien. Ze hebben een hele mooie medaille laten maken een wapen met daarin hardloopschoenen, stethoscoop, sleutel (tot succes) en AK en achterop de tekst:
Kwestie van doen
Wij zijn trots op je!
Pappa en mamma
Ruth Bas en Suze
Christel Jolmer Laura en Jaap
Iedereen staat daar met hun camera's en ik voel me een ware sportheld. Van laura krijg ik hele mooie zelfgemaakte bloemen die nu in mijn vensterbankt staan te prijken. Dan zoals afgesproken ga ik met mijn moeder terug naar mijn hotel. In de metro zegt de man met de trommel: "Ladies and Gentlemen, we've got a marathonrunner on board, give it up for her!" Wat zijn die amerikanen toch enthousiast, bevalt me wel! Dan mag ik in mijn hotel in bad en pakt mijn moeder al mijn spullen in, wat een luxe! Met de bus en metro terug naar ons appartement waar mijn vader zijn beroemde macaroni heeft gemaakt. Ik neem zelfs een glaasje wijn, heerlijk! Grappig is dat mijn familie niet durft te zeggen dat ze moe zijn van de hele dag in de stad hangen en wachten en longen uit hun lijf schreeuwen. Ik snap het heel goed, ik ben ook moe, voel mijn benen, knie doet al helemaal niet zeer meer. Dé dag is voorbij, 4 november 2007 wordt 5 november en het nagenieten kan gaan beginnen!